De regenboog
Theo Bogaerts (Sint-Niklaas, 1893 – Brussel, 1971) was journalist en prozaschrijver. In 1926 debuteert hij met de novellenbundel ‘De schalmeiende dood’, waarvoor Felix Timmermans twee tekeningen ontwerpt. Een jaar later verschijnt bij uitgeverij De Regenboog ‘Brusselsche krabbels’, een reeks journalistieke schetsen over het leven in de hoofdstad. Van Dyck, die meermaals samenwerkt met De Regenboog, illustreert de cover en de hoofdstukken ‘Tjoektjoeken’, ‘Koetsiersmiserie’, ‘Straatmuzikanten’, ‘Virtuozen’, ‘Clowns’, ‘Soniënbosch’, ‘Blinde’ en ‘Verkeersagent’.

 

Omslag van Brusselsche krabbels met de Sint-Goedelekathedraal, 1927.

 

Lode Zielens
De Regenboog geeft in 1926 een verzamelmap uit onder de titel Het kind, met een voorwoord van Lode Zielens. De tekeningen zijn van Jakob Smits, Albert Van Dyck, Marten Melsen, Gerard Baksteen, Pieter Rottie en Felix de Block. Van Dyck draagt de originele houtskooltekening van zijn moeder met kind op aan zijn vriend Zielens.

Voor hem ontwerpt hij in 1927 ook de cover van Het Jonge Leven, waarin eveneens de liefdevolle relatie tussen moeder en pasgeboren kind centraal staat. De robuuste stijl uit 1926 heeft plaatsgemaakt voor het fijnzinnig golvend lijnenspel dat ook zijn religieus geïnspireerd werk uit die periode typeert.

 

Originele houtskooltekening voor de map Het Kind, met opdracht aan Lode Zielens, 1926 (Collectie Museum Plantin Moretus-Prentenkabinet, Antwerpen).

 

Coverbeeld in Het Jonge Leven van Lode Zielens, 1927.